traditie

De hemel in tegenlicht

hemelintegenlicht
Paul Vandenbroeck brengt in de tentoonstelling 'De hemel in tegenlicht' als stelling naar voor, dat de kerkleiding met het wegsnoeien van allerlei uitwassen van volksgeloof ook de toevoer van de levenssappen voor het geloof heeft afgesneden. Met die uitwassen worden dan allerlei vormen van bijgeloof bedoeld, waarvan er sommige zelfs animistische trekjes hebben. Bij het bekijken van de oude cultusobjecten moet je inderdaad toegeven dat deze voor ons haast volkomen vreemd geworden zijn. Ik herinner mij bijvoorbeeld nog vaag de expositietronen, waarin een cultusbeeld in processie werd rondgedragen, maar de betekenis ervan ontging mij toch. En mij niet alleen: het blijkt moeilijk om nu nog in te schatten wat die dingen eigenlijk betekenen. Veel verder dan de vergelijking met een aura kom je niet. En dat is met de relikwieën al helemaal zo: ze werden en worden in de kerken een beetje weggemoffeld en hebben hun kracht geheel verloren. Aan de andere kant blijven sommige krachtplaatsen van het katholicisme nog wat aantrekking behouden, al neemt het belang van bedevaartsoorden misschien ook wel af.
Een andere centrale gedachte is, dat de religiositeit van boven uit ontdaan werd van haar lichamelijkheid. Waar ooit de spiritualiteit vooral vanuit het lichaam werd doorvoeld, zijn we geëvolueerd naar een 'bloedeloze' godsdienst. De tentoonstelling laat dat zien, maar naar mijn aanvoelen niet genoeg. Waarom zijn er niet een paar 'krijt-heiligen' opgesteld, om het contrast voor de bezoeker duidelijker te maken? Ik vind dat er zelfs een paar recentere objecten hadden mogen zijn, zoals een heus hongerdoek. De tentoonstelling stopt dus voor mij net iets te vroeg. Het moet wel gezegd dat de selectie die de tentoonstelling maakt uit de overvloed die er nog is aan katholiek erfgoed, nooit gaat vervelen. Ik heb er plezier aan beleefd en raad de tentoonstelling aan iedereen aan.
Maar valt er in de les RKG ook iets met de tentoonstelling te doen?
Eén van de tentoongestelde doeken is didactisch interessant. Het gaat om een schilderij over de Goede Dood. Men weet niet wie de persoon op het sterfbed is, maar dat doet er niet zo veel toe. Wat je wel kan zien, zijn de verschillende machten en krachten die het katholieke universum bevolken: er is Maria, Jezus, een heilige, engelen en duivels, die allemaal bezig zijn met de ziel van de sterveling. Al die krachten en invloeden, die zowel een hulp als een bedreiging kunnen zijn, worden in de tentoonstelling vergeleken met de verschilllende wezens in een adventure game op een computer. De gelijkenis is inderdaad treffend. Met het schilderij en zijn duiding, die niet zo moeilijk is, kan je heel goed illustreren hoe ooit werd gedacht over het leven en de dood. Want de wezens die je op het doek ziet, zijn niet zozeer symbolisch, maar werden heel concreet gedacht als reëel bestaande personen.
Je kan in de bijhorende uitgave van Openbaar Kunstbezit Vlaanderen of in het boek van de tentoonstelling een foto vinden van het schilderij.

Tehilim: als tradities het niet meer doen




Regie: Raphaël Nadjari.
Met: Michael Moshonov, Limor Goldstein, Yonathan Alster.
Israel, Fr., VS., 96 min.

tehilim-170l
De jonge Menachem volgt godsdienstles en bestudeert de psalmen (Tehillim). Als zijn vader bij een verkeersongeluk verdwijnt, blijken die psalmen voor hem een steun. In de moelijke dagen die volgen, probeert hij zijn leven weer op de sporen te krijgen, maar dat valt tegen, als hij in de relaties met zijn moeder en met zijn vriendin, problemen krijgt. Menachem moet kiezen voor de ruimte die hij in zijn leven laat voor traditie. Het is om die reden een heel interessante film voor de laatstejaars, omdat de film juist mild is voor de religieuze levensbeschouwing. Het open einde van het verhaal nodigt ook uit tot reflectie. Een parel van een film die je volgens mij zou moeten zien.
godsdienstonderwijs godsdienstles catechese RKG