
Tienerseks in Amerika
De documentaire geeft een verrassend beeld van de jongeren in een relatief welstellend deel van de Verenigde Staten en roept vragen op.
Werkwijze:
Er zijn introspectivragen vooraf. Tijdens de screening worden er enkele gegevens uit het programma genoteerd. En na het kijken van de documentaire is er een klein klasexperiment met bekertjes en worden de vragen beantwoord in de werkgroepen.
Leerwinst:
De klasactiviteit laat de leerlingen 'aan den lijve' ondervinden hoe snel een SOA om zich heen kan grijpen, als je niet uitkijkt bij fysiek contact. Die bewustwording is de belangrijkste leerwinst.
Bij het voorbereiden van het examen kan je verder:
- Op de website van Sensoa kennis opdoen over SOA's, zodat je ze herkent als er over gesproken wordt en weet hoe je kan voorkomen dat je een SOA opdoet.
- Het verschil leren maken tussen goede en slechte aandacht.
- Het intervieuw (5) lezen en de vragen oplossen.
- N.b.: Het deel voor de leerkracht is niet voor leerlingen bedoeld. Dit deel hoef je niet door te nemen.
1 Introspectievragen
Denk na over deze persoonlijke vragen en geef een kort antwoord:
(1) Zijn mijn ouders betrokken op mijn doen en laten?
(2) Zouden mijn ouders meer of minder begaan moeten zijn met mijn
leven dan nu het geval is?
2 Bekijken van de video; nemen van notities
We kijken naar een documentaire over een gebeurtenis in de VS. Na onge-
veer 10 minuten stoppen we de band. Neem notities bij volgende vragen:
- Wanneer vonden deze gebeurtenissen plaats?
- Welk gezondheidsprobleem zorgde ervoor dat men aandacht ging besteden aan het doen en laten van de jongeren?
- Wat was er ongewoon aan deze uitbraak?
- Hoeveel positieve gevallen werden er opgetekend?
- Hoeveel tieners waren blootgesteld aan deze ziekte?
- Waar kwamen de tieners bijeen voor hun activiteiten?
- Hoe had de uitbraak voorkomen kunnen worden, volgens jou?
- Op welk tijdstip van de dag vonden deze activiteiten voornamelijk plaats?
- Hoe konden de tieners deze activiteiten voortzetten, zonder dat hun ouders op de hoogte waren?
3 Stellingen
Bespreek onderstaande stellingen in je werkgroep. Maak een verslag van de bespreking en lever
het verslag na afloop in:
- “Ouders zijn juridisch verantwoordelijk voor het gedrag van hun opgroeiende kinderen”.
- “Verwaarlozing is een vorm van kindermishandeling”.
- “Kinderen moeten het recht hebben om van hun ouders te scheiden”.
- “Ouders hebben het recht op de hoogte gebracht te worden als hun kinderen vragen om voorbehoedsmiddelen of een abortus.
4 Goede aandacht, slechte aandacht
In het programma wordt het verschil uitgelegd tussen beide 'soorten' aandacht. Mensen willen aandacht, want geen aandacht krijgen staat gelijk met een solitair (alleen-staand, eenzaam) leven leiden. Het punt is nu, dat iedereen goede aandacht wil, maar als dat niet kan, bijvoorbeeld omdat iedereen in de omgeving het te druk heeft met andere dingen) dan nemen mensen wel eens genoegen met slechte aandacht.
Onder slechte aandacht verstaan we aandacht die gegeven wordt omwille van de eigen behoeften of verlangens van degene die de aandacht geeft - bijvoorbeeld seksuele verlangens - en niet omwille van wat de persoon die de aandacht 'geniet' nodig heeft. In feite gaat het dus bij slechte aandacht om aandacht om egoïstische redenen.
(a) Geef enkele voorbeelden van manieren waarop je goede en slechte aandacht krijgt van je ouders en van leeftijdsgenoten:
(b) Geef een voorbeeld van slechte aandacht.
5 Interview: 'Ik ben jaloers op meisjes die nog maagd zijn'
Uit: Jet Magazine
Er was een tijd - en het is nog niet eens zo lang geleden - dat alles wat met seks te maken had taboe was en zich in het schemerdonker afspeelde. Seksuele voorlichting was zo goed als onbestaande. Seks kon alleen in het huwelijk en dan nog liefst in functie van zo veel mogelijk kindjes maken. Die houding heeft voor veel ellende en drama's gezorgd. Tot de pil er kwam en voor het eerst in de geschiedenis de vrouw haar vruchtbaarheid in handen kon nemen.
Met de seksuele revolutie was het hek helemaal van de dam. 'Make love - Not war!' scandeerde men in de sixties. Seks was niet langer een taboe. En dat was maar goed ook, want omdat de vorige generatie nog alles te leren had, was voorlichting en kennis broodnodig. Parallel met de seksuele revolutie verliep de emancipatie van de vrouw. Zij kreeg niet alleen haar seksualiteit en haar vruchtbaarheid in handen, maar werd ook meer en meer financieel onafhankelijk.
Na de euforie kwam al snel de kater. Zoals bij zovele revoluties ontstond de klassieke omkering: wat vroeger verboden woooas, werd nu plots verplicht. Experimenteren is goed, maar als experimenteren een verplichting wordt, dan komen er brokken van. Enerzijds waren er nog nooit zoveel echtscheidingen in Vlaanderen, maar anderzijds is er ook nog nooit zoveel openheid en vertrouwen geweest tussen ouders en kinderen, dan nu.
Jongeren vertellen
Anderen komen voorzichtiger uit de hoek. Zoals Bieke (19j.): 'Ja, ik heb al jongens gekust, maar naar bed gaan, nee, ik wil dat bewaren voor iemand waar ik echt heel veel van hou en mijn leven wil mee delen en die jongen ben ik nog niet tegengekomen.'
Of zoals Katrien, die heel verontwaardigd was over het wetsvoorstel om de leeftijd waarop seks wettelijk toegelaten is te verlagen: 'Wat denken die wel. Het is niet omdat we hand in hand lopen dat we ook met elkaar naar bed gaan. Die wet zal alleen bevorderen dat oudere mannen en de Dutroux's nog meer hun gang kunnen gaan!'

Ik voelde me bedrogen
Verrassend is de getuigenis van Elke. Ze is een haantje-de-voorste; was vroeg rijp en had op haar 15e al een vriendje. Elke (19j.): 'Ik was vijftien toen ik Bram leerde kennen. Na een jaar verkering - ik was nog geen zestien - zijn we samen naar bed geweest om het te doen. Het was heel bewust gepland op een moment dat mijn moeder niet thuis was en dat we een condoom hadden. Ik was gewoon nieuwsgierig en wilde groot zijn. Het was een verschrikkelijke ervaring, ook al was Bram helemaal niet brutaal. Ik heb er zo'n schrik aan overgehouden dat het bijna een jaar duurde vooraleer ik het voor de tweede keer deed. Ondertussen had ik er met mijn moeder over gesproken, die enorm schrok, en me toeliet om de pil te nemen.
Ten opzichte van mijn leeftijdsgenoten was ik er vroeg bij. Ik kende niemand van mijn vrienden en mijn klasgenoten die het ook al hadden gedaan. Ik was echt de eerste en velen geloofden het niet toen ik het hen vertelde.'
'Ja, we spreken daar open over en vertellen alles aan elkaar. Mijn tweede vriend was een enorme vergissing. Hij was veel ouder (30 jaar) en pas achteraf besefte ik dat hij alleen op seks uit was. Ik heb toen zelfs op zijn aandringen zonder condoom gevreeën. Al mijn vriendinnnen verklaarden me gek en ik heb toen ook een aids-test laten doen om zeker te zijn. Ook mijn derde lief was een vergissing, maar nu denk ik dat ik met Tom de ware gevonden heb. Nu pas heb ik ontdekt dat seksualiteit veel meer inhoudt dan alleen maar de daad. We hebben nu zelfs meer behoefte om te praten dan om te vrijen met elkaar.
Ik ben er nu 19 en in mijn klas heeft zeker de helft het nog niet gedaan. De verhalen van de jongens geloof ik niet; het is allemaal opschepperij en stoerdoenerij. Als mijn vriend bij mij alleen is, is hij helemaal anders dan bij zijn vrienden. Als ik hem dan verhalen over seks hoor vertellen, lig ik soms krom van het lachen, want het klopt helemaal niet met de werkelijkheid.'
'Eigenlijk ben ik een beetje jaloers op de meisjes van mijn leeftijd die het nog niet gedaan hebben. Ik denk dat je dan een grotere eigenwaarde hebt. Als ik kon kiezen, zou ik er nooit meer zo vroeg aan beginnen. Ik voelde me ook enorm bedrogen. Als je seks op TV en in de film ziet, lijkt het allemaal zo eenvoudig en hemels terwijl het voor mij de hel was. Het is een totaal vertekend beeld van de werkelijkheid en ik heb daar lang mee in de knoop gelegen.’
Vragen en opdrachten
Beantwoord de juist-of-fout vragen:
- J [ ] F [ ] Volgens het onderzoek van E. Van Hove heeft driekwart van de 17-jarigen seksuele betrekkingen gehad.
- J [ ] F [ ] Elke vindt dat meisjes van 19 die het nog niet gedaan hebben, een hogere eigenwaarde hebben.
- J [ ] F [ ] Dat er vandaag meer openheid is tussen ouders en kinderen over seksualiteit, blijkt uit het getuigenis van Elke.
- J [ ] F [ ] Doordat Elke na haar eerste seksueel contact met de pil begonnen is, kon zij in haar volgende seksuele relatie veel narigheid voorkomen.
- J [ ] F [ ] Veel mensen denken verkeerdelijk dat jongeren steeds eerder seksueel actief worden.
- J [ ] F [ ] Tom is niet een van die jongens die over seks graag stoere verhalen vertellen en opscheppen tegenover hun vrienden.
- J [ ] F [ ] Het leeftijdsverschil tussen Elke en haar tweede vriend was ongeveer 5 jaar.
- J [ ] F [ ] Katrien vindt dat de nieuwe wet op de leeftijd, waarop seks wettelijk kan, in de kaart speelt van pedofielen.
- J [ ] F [ ] De pil was een belangrijke uitvinding voor de emancipatie van de vrouw.
- - - - - - - - - - - - - - - -
DEEL VOOR DE LEERKRACHT
Deze Zembla-aflevering over tienerseks in de VS zit vol met thema’s die bij jongeren vandaag aan de orde zijn. Het programma biedt dan ook uitstekend materiaal voor discussie en verwerking in de klas. De uitzending is een Nederlandse bewerking van een reportage van de Amerikaanse publieke omroep (PBS). Op de website van PBS wordt een schat aan materiaal aangeboden over de behandelde onderwerpen, met o.m. een ‘Teachers’ Guide’. Die bevat lesmateriaal voor vier lessen, die elk op een apart deelthema ingaan. Het is deze docentengids die ik heb herwerkt tot een vereenvoudigde en ingekorte lessenreeks. Deze lessen focussen op klas-activiteiten met veel debat.
De oorspronkelijke PBS-versie kan je vinden op (nog aan te vullen)
0 Benodigdheden voor de lessen.
Alle benodigdheden zijn hier samengebracht in één enkel lijstje:
0 (1) Een TV en een videorecorder
0 (2) Video-opname van het TV-programma
0 (3) Internet-toegang (eventueel) - zie 1.5.2
0 (4) Alcoholstift of stickertjes voor het markeren van de bekertjes
0 (5) Plastic bekertjes in helder plastic
0 (6) Verdunde natriumhydroxideoplossing
0 (7) Fenolfthaleineoplossing
0 (8) Water
0 (9) Toegang tot het internet
...
LES 1
(2 lestijden)
In de eerste lestijd nemen de lln kennis van de opmerkelijke gebeurtenissen rondom hun leeftijdsgenoten in Rockdale. Vertoon de eerste 10 minuten van de video (00:00 - 10:06), nadat de lln zich persoonlijk enkele vragen hebben gesteld:
1.1 Introspectievragen:
1.1 (1) Zijn mijn ouders betrokken op mijn doen en laten?
1.1 (2) Zouden mijn ouders meer of minder begaan moeten zijn dan nu het geval is?
1.2 Bekijken van de video; maken van notities
Geef de lln vooraf de volgende 5 vragen en laat ze tijdens het bekijken van de eerste 10’ van de band, notities nemen:
1.2 (1) Wanneer vonden deze gebeurtenissen plaats?
1.2 (2) Welk gezondheidsprobleem zorgde ervoor dat men aandacht ging besteden aan het doen en laten van de jongeren?
1.2 (3) Wat alarmeerde de autoriteiten dat er iets aan de hand was?
1.2 (4) Wat was er ongewoon aan deze uitbraak?
1.2 (5) Hoeveel positieve gevallen werden er opgetekend?
1.2 (6) Hoeveel tieners waren blootgesteld aan deze ziekte?
1.2 (7) In welke sociaal-economische situatie leefden deze jongeren?
1.2 (8) Waar kwamen de tieners bijeen voor hun activiteiten?
1.2 (9) Hoe kon de uitbraak van deze ziekte optreden? Wat beïnvloedde de uitbraak?
1.2 (10) Hoe had de uitbraak voorkomen kunnen worden, volgens jou?
1.2 (11) Op welk tijdstip van de dag vonden deze activiteiten voornamelijk plaats?
1.2 (12) Hoe konden de tieners deze activiteiten voortzetten, zonder dat hun ouders op de hoogte waren?
1.3 Klasdiscussie
Volgend op de screening van het videofragment kan in een klasgesprek gediscussieerd worden over een stelling of een vraag, zoals:
1.3 (1) “Kunnen ouders juridisch verantwoordelijk worden gesteld voor het gedrag van hun opgroeiende kinderen?”
Je kan ook een andere discussievraag kiezen, die in de reacties op het fragment en uit de notities (1.2) oprijzen.
1.4 Vertoning van de portretten (10:45 - 18:39)
1.4 (1) Amy's verhaal van 10:45 tot 11:33 en vervolgens van18:40 tot 24:52.
1.4 (2) DJ's verhaal van 11:35 tot 12:20 en 25:44 tot 28:30.
1.4 (3) Kevin's verhaal van 48:53 tot 57:44.
1.4 (4) De bijeenkomst van 37:49 tot 40:10.
1.4 (5) Heather's verhaal van 1:12:41 tot 1:18:39.
1.5 Stellingen en voorbereiding van het debat
1.5.1 Breng deze stellingen naar voren:
1.5.1 (1) “Ouders zijn juridisch verantwoordelijk voor het gedrag van hun opgroeiende kinderen”.
1.5.1 (2) “Verwaarlozing is een vorm van kindermishandeling”.
1.5.1 (3) “Kinderen moeten het recht hebben om van hun ouders te scheiden”.
1.5.1 (4) “Ouders hebben het recht op de hoogte gebracht te worden als hun kinderen vragen om voorbehoedsmiddelen of een abortus.
1.5.2 Verdeel de klas in twee kampen en geef ieder kamp een stellingname in het debat over de 4 kwesties (1.5.1). Voer een tegensprekelijk debat, waarbij elk van de kampen argumenten aandragen. Maak gebruik van die debat-techniek waar je het liefst mee werkt. Een panelgesprek kan bijvoorbeeld een goede format zijn voor deze oefening. Het is van belang dat beide kampen hun argumenten goed voorbereiden. In dat opzicht kan het helpen, als de lln toegang hebben tot het internet en op de PBS-website achtergrondinformatie kunnen opzoeken. Het debat gebeurt in lestijd 2
1.6 Debat (en evaluatie) - lestijd 2
Het debat zelf, volgens de gemaakte afspraken (zie hoger). In deze lestijd worden de lln geëvalueerd op:
1.6 (1) de notities en de vragen bij de video
1.6 (2) deelname aan de discussieronde
1.6 (3) research en presentatie bij het debat
Het is aanbevolen om een score-plan met puntenverdeling te ontwerpen, zodat de lln weten waarop ze beoordeeld worden.
LES 2 - Goede en slechte aandacht
2.0 Inleiding
In het programma suggereert een leerlingbegeleider dat tieners vooral aandacht zoeken. Als het niet lukt om positieve aandacht te krijgen, dan maar liever slechte aandacht, want dat is ook aandacht. In deze les gaat het er om, goede en slechte aandacht te herkennen en een strategie te vinden die focust op goede aandacht.
De werkvorm die PBS hier voorstelt is bruikbaar. Het komt er op neer, dat de lln nadenken over de aandacht die zij zoeken en krijgen van hun ouders en van leeftijdsgenoten. Daartoe wordt een flap in 4 kolommen verdeeld, waarvan 2 “ouders” en 2 met “leeftijdsgenoten” gelabeld worden. Telkens is er één kolom voor goede en één voor slechte aandacht. De lln worden dan gevraagd om bij zichzelf na te gaan hoe zij van hun ouders en van leeftijdsgenoten goede aandacht en slechte aandacht krijgen, en dat allemaal te inventariseren op de flappen. Dat kan best in (bestaande) werkgroepen gebeuren en de resulaten zijn voor iedereen zichtbaar. Opnieuw kan in een eveluatierooster aangegeven worden op welke kwaliteiten de flappen beoordeeld zullen worden. PBS suggereert om hier ook met knipsels uit tijdschriften en met foto’s te werken, maar dat hoeft misschien niet. Voor meer info en voorbeelden, zie de site van PBS.
LES 3 - Epidemie!
In deze les wordt een simulatie gedaan van de verspreiding van een SOA. De resultaten worden nadien geanalyseerd en vervolgens wordt informatie opgevraagd over SOA’s en de manieren om de verspreiding tegen te gaan. Hier zijn we dan op het overbekende terrein van ‘Veilig Vrijen’, waar het aanbod van leermiddelen heel groot is. Ik denk bij voorbeeld aan allerlei educatieve spellen.
3.1 Voor de simulatie heb je 100ml natriumhydroxideoplossing nodig. Dat maak je door 0,4 gram natriumhydroxide te mengen met 100ml gedestilleerd water.
Werkwijze:
Voor de les vul je voor elke ll een doorzichtig plastic bekertje voor de helft met water, behalve één bekertje dat je met natriumhydroxideoplossing voor de helft vult. Alle lln krijgen hun bekertje én een leeg bekertje.
Leg uit dat de lln een rollenspel gaan doen. Ze moeten zich inbeelden dat ze op een party zijn en “contact” leggen met 3 andere mensen. De regels voor het leggen van contacten zijn heel specifiek. Je moet die regels goed uitleggen en controleren of de lln ze goed begrepen hebben en kennen:
3.1 (1) Giet de helft van je vloeistof in de lege beker en zet de rest aan de kant voor later. (De bekers moeten herkenbaar zijn, dus is het handig als je ze nummert of als de lln hun naam er op schrijven.)
3.1 (2) “Contact” maken wil zeggen dat je je bekertje overgiet in de beker van de andere persoon, even mengt.
3.1 (3) De inhoud teruggieten in de eerste beker en even mengen.
3.1 (4) Opnieuw overgieten in de andere beker en weer even mengen
3.1 (5) Ten slotte moet je de vloeistof verdelen over de twee bekers. Einde contact.
3.1 (6) Hou bij met wie je op die manier contact hebt gemaakt.
3.2 De simulatie gaat door, tot alle lln met drie andere lln contact hebben gemaakt. Dat gaat het beste als ze hierbij mogen rondwandelen door de klas. Het is wel belangrijk dat ze goed onthouden of liefst opschrijven met wie ze contact hebben gemaakt.
3.3 Na afloop van de ‘party’ gaan alle lln terug naar hun plek. Zeg ze dat het nu zogezegd een week later is en dat er tekenen zijn dat verschillende lln geïnfecteerd zijn. De medische dienst wil alle aanwezigen testen voor de SOA.
3.4 De test. Om de lln te testen, wordt een druppel fenoltaleïne in iedere beker gebracht. Als de oplossing rozig wordt, is de persoon die bij deze beker hoort, geïnfecteerd. Als de kleur van de vloeistof niet verandert, is de persoon niet geïnfecteerd. Normaal gezien is tussen 25 en mogelijk meer dan 50% van de klasgroep geïnfecteerd. Dat is afhankelijk van het toeval.
3.5 Zeg tegen de groep dat oorspronkelijk maar één leerling ‘geïnfecteerd’ was. Het is nu de bedoeling dat ze uitzoeken wie dat was. Maak daartoe een flap met een rooster met 5 kolommen. In de 1e kolom staan alle namen van de lln. In de 2e staat hun testresultaat: een ‘+’ voor een positieve uitslag (de ll in geïnfecteerd) en een ‘-’ voor een beker die niet verkleurd is. (Het is dus handig als je alle bekers nummert en dat iedereen noteert met wie hij contact heeft gehad. De kolommen 3 t/m 5 zijn voor het op noteren van die contacten. Het rooster is dus als volgt:
II Naam Leerling II (+ of -) II contact #1 II contact #2 II contact #3 II
Met het ingevulde rooster kan je de verspreiding van de SOA traceren. Elimineer de niet-geïnfecteerde lln. Tracht nu de oorspronkelijke besmetting te traceren. Maak een schema van de relaties of redeneer hoe het in zijn werk kan zijn gegaan.
Aan het eind kan je je vermoeden testen, door de controlebekertjes die je aan het begin aan de kant hebt doen zetten, nu controleert met de indicator.
3.6 Bespreek de resultaten van de simulatie. Je kan daartoe volgende vragen stellen:
3.6 (1) Verbazen de resultaten je?
3.6 (2) Welke ziekten kunnen zich op deze manier verspreiden?
3.6 (3) Welk soort activiteit kan je in het echte leven vergelijken met het mengen in de bekertjes?
3.6 (4) Is het moeilijk om de oorsprong van de epidemie te achterhalen?
3.6 (5) Zou dat moeilijker zijn in een ‘echte’ situatie in een stad of grote gemeente?
3.6 (6) Denk je dat het belangrijk is om de oorsrong van de besmetting te achterhalen? Waarom (niet)?
3.6 (7) Hoe zou de verspreiding van de SOA zijn, als er nog 3 extra ‘contacten’ geweest waren?
3.6 (8) Hoe zou het resultaat van de simulatie geweest zijn, als de lln helemaal geen contacten hadden gehad?
3.7 Na afloop van de bespreking kan je de lln als uitbreiding opdracht geven om informatie op te vragen over de preventie van SOA’s in ons land. Daartoe is voldoende materiaal te vinden, ook op internet. Daar ga ik hier verder (voorlopig nog) niet op in.
3.8 De evaluatie van de inbreng van de lln kan op een gelijkaardige manier gebeuren, maar is naar mijn aanvoelen voor dit onderdeel niet zo eenvoudig. Je kan volstaan met het opvragen van de antwoorden op de gestelde vragen (3.6). Een andere mogelijkheid - maar niet aan te bevelen - is de evaluatie voor dit onderdeel achterwege te laten.